Citaten van Nossrat Peseschkian

Uit 'In liefde leven', Hein Stufkens, Ankh-Hermes 1998. Het thema van de parabel is ontleend aan 'Der Kaufmann und der Papagei' van Nossrat Peseschkian (Frankfurt 1997).

De man die op één been stond

Er was eens een man die op één been stond. Nee, hij was geen yogi, zoals die in India wel voorkomen, die op zo'n excentrieke manier probeerde om de geest over de stof te laten heersen. Hij was ook niet gehandicapt of verlamd. En al evenmin was hij één van hen die op bedrieglijke wijze proberen medelijden op te wekken en aalmoezen te ontvangen door voor te wenden dat ze slechts één been hebben. Hij stond gewoon op één been, zoals een reiger aan de slootkant staat. Maar de mens is nu eenmaal niet, zoals een reiger, van nature geschikt om lang op één been te staan. Dus na enige tijd kreeg de man de grootste moeite om in evenwicht te blijven. Eerst verkrampten de spieren van zijn standbeen en vervolgens begon heel zijn lijf hem pijn te doen. Al snel kwamen er allerlei mensen langs die van helpen hun beroep hadden gemaakt. En ook al was goede raad duur, de man op het ene been maakte er gezien zijn penibele situatie toch graag gebruik van.

De eerste die te hulp kwam was een masseur, die het standbeen van de man eens stevig onder handen nam. Daarna kwam er een tweede, die vond dat je meer naar het lichaam als geheel moest kijken en dus begon bij de schouders en de nek. Er volgde een derde die in China had gestudeerd en de man zo vol met naalden stak dat hij op een speldenkussen leek. Deze drie behandelingen verlichtten de pijn wel, maar steeds kwamen na korte tijd de verkrampingen weer terug.

Toen passeerde er een psychotherapeut. Deze zag onmiddellijk wat er aan de hand was. 'Uw pijn is psychisch', zei hij. En hij liet de man alles vertellen wat anderen hem in zijn leven hadden aangedaan. Dat luchtte wel op, maar de pijn bleef. De therapeut haalde er een collega bij, die zich had gespecialiseerd in het werken met hypnose en fantasie. 'U moet uw onbewuste gebruiken', adviseerde hij. Vervolgens vroeg hij de man om zich, zo goed en zo kwaad als dat op dat ene been ging, te ontspannen en zich voor te stellen dat hij een veertje was. 'U wordt lichter en lichter', zei hij met een slaapverwekkende stem, 'u wordt zo licht dat u gemakkelijk zou kunnen gaan vliegen.' De man op het ene been vond dat een aangename gewaarwording, maar de druk op zijn standbeen werd er niet minder door. Een derde therapeut werd geconsulteerd. Deze was gespecialiseerd in reïncarnatie en regressie. Hij bracht de man zonder veel moeite terug naar een vorig leven. Het bleek dat bij in dat leven een kraanvogel was geweest en op traumatische wijze was gestorven. Hij werd namelijk door een jager doodgeschoten toen hij opvloog en zijn tweede poot uitstrekte. De man was blij dat er nu in ieder geval een verklaring was voor zijn lijden.

Goedwillende buren en familieleden hadden de hele toestand al enige dagen met toenemende zorg gadegeslagen en besloten nu dat het tijd werd om eens échte hulp te bieden. Ze vreesden dat het anders niet lang meer zou duren voor de man zijn evenwicht zou verliezen en een lelijke val zou maken. Ze besloten om samen om hem heen te gaan staan en hem overeind te houden. Hij leunde zwaar op hen. Dat vonden ze weliswaar vermoeiend, maar ze hadden graag iets voor de man over en bovendien gaf hun actie hen het aangename gevoel dat ze iets nuttigs deden.

Op dat moment kwam er een pastoor langs. Het kan ook een dominee geweest zijn. Hij bleef even staan, schudde eens met het wijze hoofd en sprak: 'Ja, het leven is een tranendal. We moeten veel lijden. Maar als u leert uw pijn te aanvaarden uit Gods hand en bereid bent uw kruis vrijwillig op u te nemen, dan zal uw loon groot zijn in het rijk der hemelen.' Dat troostte de man wel een beetje, maar de pijn werd nu met het uur ondraaglijker, en de buren en familieleden begonnen er een beetje genoeg van te krijgen om alsmaar om die man heen te moeten staan en geen eigen leven meer te hebben.

Zoals altijd bleek ook nu de oude wijsheid van toepassing dat de redding nabij is wanneer de nood het hoogst is. De redding verscheen in de vorm van een boerin: een eenvoudige vrouw die niets had gestudeerd en wier enige leermeesteres moeder aarde was, naar wie zij een leven lang met liefde had geluisterd. Deze boerin was met een kar appelen op weg naar de markt. Toen zij de volksoploop zag, stopte ze om eens te kijken wat er gaande was, en al spoedig zag ze de man op het ene been. Ze wiste het zweet van haar voorhoofd, beoordeelde in één oogopslag de situatie en stapte op de man af. 'Mijnheer', zei ze, 'als u gewoon eens uw andere been zou strekken en ging gebruiken, dan zou u zich een heel stuk beter voelen.' Hoewel verschillende omstanders tegen de man op het ene been riepen dat hij niet naar zulke simplistische praat over zo'n ingewikkeld probleem moest luisteren, gaf de man, die inmiddels de wanhoop nabij was, toch maar gehoor aan dit eenvoudig advies. En ... het wonder geschiedde. In één keer was de man uit zijn lijden verlost.

Pagina gemaakt 2 februari 2008.