Imre

Vandaag ben je geboren. Of eigenlijk gisteren. Vreemd is dat, als gisteren hier vandaag is. Aan de andere kant van onze aarde zag je het levenslicht. Je doet je naam eer aan, zo begreep ik: krachtige. Op internet vond ik de Hongaarse herkomst van je naam en als betekenis 'machtig strijder'. Wel, je geboortestrijd heb je gestreden. Het begin is er.

Ik was veraf, maar ik was ook dichtbij. Ik wist van je eerste strijd. Ik had een slaappil nodig om vannacht, toen jij die streed, toch nog wat te kunnen slapen. Ik zet nabije dingen, ook als ze veraf zijn, niet meer zo gemakkelijk van me af. Toen vanmorgen de telefoon rinkelde, wist ik al bijna dat je vader op de lijn zou zijn. Scherp hoorde ik de toonzetting van zijn stem die me, nog voor hij aan jouw geboortebericht toe was, geruststelde. Imre, een negenponder, 56 centimeter lang. Ik was blij te horen dat je je eerste strijd met kracht had gestreden. De emoties beletten me even bijna het praten. De blijdschap schokte me door mijn lijf. Soms overwint de zwakte in het leven nu eenmaal de kracht. Toen had ik de eer je geboortebericht hier in de buurt wat verder te mogen verspreiden, telefoon, mail en nog weer telefoon, omdat me steeds weer mensen te binnen schoten die al naar je gevraagd hadden. Je oudste nichtje kreeg het bericht op haar school, waar ze net in haar klas werd gebracht. 'Een jongetje of een meisje?', hoorde ik haar aan haar moeder vragen. We hadden allemaal al zo'n vermoeden van welk geslacht jij gekozen had. Je oma had, samen met mij, voordat ze naar haar werk ging, het mailtje van een paar uur voor je geboorte gelezen. Ook haar mocht ik blij maken.

Nu ben jij daar en ik hier. Ik ken het al: ook nu weer kijk ik naar buiten en ik zie dat het regent. Maar ik voel me sterk: ik zou de fiets willen pakken, ik moet (...) Ik moet immers naar je toe? Ik moet je zien, en voelen. Je vasthouden en een eerste voorzichtige kus geven. Ik moet naar je kijken. Dat is toch niet zo gek? Alleen: zo gaat het niet. Bij jou is het middernacht als ik dit schrijf en jij en je ouders zullen wel aan een paar uurtjes rust toe zijn. De andere kant van onze aarde is toch nog altijd knap ver weg. We kozen ervoor om op je te wachten en het eerst dan maar te doen met foto's, een videootje misschien. Jij mag eerst nog wat rusten, wat sterker worden, voordat je de lange reis onderneemt. Weet je: er zijn helemaal niet zoveel kinderen die zo jong al zover reizen. Voorlopig kan ik dus alleen maar in gedachten bij je zijn. Dat zal me vast goed lukken!

Het is in het leven niet alleen maar kracht en macht. Dat zul je gauw genoeg gaan leren. En er is nog iets aparts daarmee. Soms zie je echte macht pas in zwakheid. Soms is zwak kunnen zijn juist de allergrootste kracht. Je gaat het vanzelf tegenkomen, verdriet, tranen, pijn. Ze horen bij het leven. Zonder zou je niet op kunnen groeien en zeker niet sterk kunnen worden. Jouw naam omvat dit grote geheim. En zonder je tranen, zou ook je lach niet kunnen weerklinken. Ik gun je blijdschap in je leven, maar niet zonder verdriet. Juist dat geeft glans aan de vreugde. Ik gun je liefde, maar niet zonder pijn. Ik gun je het goede, maar niet zonder kwaad. Ik gun je om God te kennen; kijk maar om je heen!

Pagina geschreven 10 januari 2007.