We denken namelijk groot

Waar gaat het om? Onze wereld is groot en wij zijn klein. We bevatten het grotere niet. Het vreemde boezemt angst in. We proberen het weg te houden. We verkleinen de wereld, tot wat we denken te kennen. Wat we niet kennen, valt erbuiten.

Zo komen grote beslissingen tot stand. Om minder met het probleem van vluchtingen geconfronteerd te worden, besteden we het uit. We willen niet te veel, niet te groot. Het zou ons op kunnen slokken. Ons geld. Britten kiezen tegen Europa. Zo houden we het overzichtelijk. Politiek is er om de rijkdom van rijken te beschermen en de armoede van sommige armen te lenigen. We zetten alles in om controle te houden of te herkrijgen.

Angstige mensen zijn we, bang te verliezen wat we hebben. Bang ook voor de confrontatie met andere inzichten. Bang voor de gevoelens van machtelozen en verschoppelingen. Bang om te verliezen wat we hebben. In het klein en in het groot. Als de politiek ons er maar buiten houdt, als we maar niet aangesproken worden. We steken de kop in het zand.

Want we hebben een wereld van ongelijkheid gebouwd, van rijkdom en armoede, van macht en onmacht, van recht en onrecht, dat we overigens ook recht praten. We moeten verder, zolang we niet de moed hebben te zien wat we doen.

Doen en niet doen, maakt dat uit? Wat doen we dat we niet zouden moeten doen? Wat laten we na dat we wel zouden moeten? Daar staan we niet bij stil, want daar hebben we een overheid voor. We denken namelijk groot. Om onszelf klein te kunnen verstoppen.

Geloof is ook zo iets. Geloof beschermt ons. Alles wat we niet begrijpen, is God. En omdat we niet zonder kunnen, scheppen we ons beelden van God, tastbaar, maar vooral ontastbaar. En onaantastbaar. We verklaren geschriften heilig, zodat we ons verschuilen kunnen. Geloof wordt identiteit. Geloof pakken ze ons niet af, net als rijkdom.

Er was vandaag iemand die me in de ogen keek, maar ik keek niet terug. Want die persoon wil misschien wat van me, dreigt me op te houden. Ik wil m'n wereld niet vergroten en dus ga ik door.

Maar diep weg, vanbinnen. Is daar iets dat ik het zwijgen opleg? Weet ik, diep weg, dat we het zouden kunnen, als we willen? Een wereld van vrede, zonder honger en met plaats voor iedereen. Onze prioriteiten liggen anders. Laat dat duidelijk zijn. En dat houden we zo. Toch?

Pagina gemaakt 27-6-2016.