Nog zo'n ongeluk

Het moet in de eerste helft zeventiger jaren geweest zijn. Op vrijdag namiddag waren we op weg naar Leeuwarden. Nabij Wolvega, het zal daar toen N32 geheten hebben, werd ik op de op dat moment drukke weg door een auto ingehaald die ook abrupt voor een tegenligger terug moest naar rechts. Daar schepte hij een oude man die met een emmertje melk klaar was om over te steken. De man vloog door de lucht en kwam op de voorruit van de auto en viel uiteindelijk half op de weg, half in de berm. Ik kon met moeite vlak voor waar hij lag tot stilstand komen.

Ik was als eerste bij de oude man. Bloed uit de oren en de mond, dus schedelbasisfractuur, twee gebroken benen, twee gebroken armen. Ik zag het in één oogopslag. Een karakteristieke kop, een touw als riem om de broek op te houden. Ik knielde bij de man en voelde zijn pols, de laatste drie slagen voordat het hart ermee stopte. Ik liet de man gaan en meldde dat hij overleden was. Dat leidde er toe dat er geen ziekenauto kwam en dat de man veel langer ter plaatse bleef liggen. Wel was er een arts die passeerde gestopt die krampachtig probeerde de ademhaling van de man weer op gang te brengen. Ik vond het onterend en het lukte niet. Met een flanellen laken dat ik in de auto had, hebben we de man afgedekt. Toen de lijkauto arriveerde, zijn we doorgegaan.

Pagina gemaakt 10-6-2017.