Onze levenslessen

Hoe zit dat met onze levenslessen? Vooropgesteld opnieuw dat ik de waarheid niet in pacht heb, wil ik toch wat over mijn gedachten daarover schrijven. Alles wat we doen, al onze activiteiten, staan primair in het kader van onze levenslessen. We komen in dat alles voor keuzes en steeds is er de keuze die een stap verder voert in het kader van de les waaraan we werken en de keuze die ons juist van onszelf verwijdert en die de volvoering van de bedoelde les tegenwerkt. Toen we, ieder voor zich, aan dit leven begonnen, schreven we een script, gericht op onze voorgenomen te leren lessen. Binnen dat script bewegen we ons, twee stappen vooruit en dan weer één achteruit, of andersom: meer achteruit dan vooruit. Als we vorderen op onze weg, voelen we ons waarschijnlijk goed, in groeiende harmonie met onszelf, maar als we onze lessen niet leren, daar juist tegenin werken, raken we in onmin met onszelf en lopen we het risico het geld, de vroegere mammon, als hoogste God te dienen en onszelf geleidelijkaan te verliezen.

Hoe is dat nu praktisch? In mijn script kies ik voor een bepaalde vader en een bepaalde moeder, een bepaald gezin en een bepaalde sociale en culturele omgeving. Die alle selecteer ik om een zo groot mogelijke kans te hebben de gewenste lessen in dit leven te zullen kunnen leren. Geen enkele mensenweg is zonder hobbels en daar waar er te weinig hobbels zijn, een tekort aan tegenslagen en problemen is, wordt de wilskracht te weinig geprikkeld om iets tot stand te kunnen brengen. Wij allen hebben onze eigen neuroses en dat is maar goed ook. Zonder neurose gebeurt er weinig of misschien wel helemaal niets! Neurose komt in mijn visie lang niet altijd voort uit falende opvoeding, maar kan door geslachten heen in de genen voortwoekeren. De problemen in mijn jonge jaren, de problemen van en tussen mijn ouders, de problemen van de neuroses in mijn genen zetten mij steeds weer op het spoor dat me uiteindelijk bij het doel dat ik me stelde zal kunnen brengen. Óf ik interpreteer de hobbels op mijn weg in juiste zin, als een soort springplanken dus om verder te groeien, óf ik ervaar ze als muren die me tegenhouden in wat ik wil. Wellicht zijn het springplanken als ik in mijn eigen goede spoor zit en zijn het juist belemmeringen als ik daarvan vervreemd dreig te raken of al geraakt ben.

Een belangrijke les is om goed voor jezelf te zorgen. Je bent een vonkje God en daarom verdien je respect en vooral respect van jezelf. Pas als je in evenwicht hebt geleerd te leven met jezelf, als je je dus niet meer onder- of overvraagt, als je ervoor zorgt dat je jezelf je deel in dit leven verwerft, pas dan opent zich de ware mogelijkheid om iets voor de ander te kunnen betekenen, om een wegwijzer op een andermans weg te kunnen worden. Wegwijzers werken het best als ze niet dwingend zijn, als het beeld van de volgende halteplaats als het ware al van de wijzer af te lezen is. Hoe zal iemand die geen vrienden is met zichzelf iets kunnen betekenen voor de ander? Dat is vrijwel onmogelijk.

We zijn met velen. In mijn optiek komen we elkaar nooit toevallig tegen. In ons levensscript hebben we al onze belangrijke ontmoetingen ingepland, nog steeds met mede als doel onze levenslessen te leren. Bovendien acht ik het waarschijnlijk dat we elkaar in beide richtingen over de grens van dit leven heen steeds opnieuw ontmoeten. In dit leven komen die mensen bij mij naar voren met wie ik in mijn vorige levens dingen niet heb uitgewerkt door mijn eigen keuzes, of niet uit heb kunnen werken vanwege de beperkingen of keuzes van die ander. Het leven is genadig: er komt altijd een nieuwe kans. Degeen die ik tekortdeed, komt in hetzelfde of een volgend leven bij mij terug om verhaal en ik zal in de nabijheid vertoeven van wie mij eerder onrecht deed om diegeen de kans te geven dat goed te maken. Het is de bedoeling dat al dit soort relationele zielszaken uiteindelijk worden geneutraliseerd, zodat we elkaar vrij in wederzijds evenwicht in de ogen kunnen zien met één gemeenschappelijk doel: weer één te worden in de Bron.

En het kwaad dan? Zonder kwaad is er geen go(e)d. Het kwaad is nodig om het goede op te laten lichten. Ieder mens zal dat kwaad in zichzelf herkennen en zal daarin een weg moeten vinden, waarin overigens onvermijdelijk ook kwade keuzes zullen voorkomen. We zijn hier niet om volmaakt te zijn, we zijn hier om te leren en dat leren doe je als mensenkind nu eenmaal het beste dwars door fouten heen. Maar we mogen weten dat wie we tekort deden, op onze weg zullen terugkeren en dat we wie ons niet goed behandelden op ons pad zullen terugvinden. Door verschillende levens heen lijkt het me een genade dat we niet alle herinneringen meedragen (een enkeling doet dat schijnbaar wel), maar dat we vrije nieuwe kansen krijgen, onbelast door een bezoedeld verleden, opdat we onze lessen tot in de eigen wezenskern zullen leren.

Gert Hardeman

Op speciale missie

Geschreven 28 januari 2004.