Zuid-Afrika (2)

In ons vakantiehuisje kijk ik uit op de Indische Oceaan. Na een paar dagen hindert het geluid van de branding steeds minder. Ik zie de regelmaat in getijden en in de kracht waarmee de golven op de rotsen beuken. Ook zon en wolken wisselen elkaar deze dagen af. Mensen hier komen voor sportieve uitdagingen of gewoon om te genieten van ruimte en natuur. De deur staat open en in de deuropening verschijnt op een meter afstand een levensgrote baviaan. Hij kijkt me recht aan en maakt zich uit de voeten. Tijdens vroegere vakanties zijn we wel vruchten, koekjes en levensmiddelen aan apen kwijtgeraakt. In het Krugerpark hebben we ooit de koelkast omgedraaid als we de deur uit gingen, omdat de apen kennelijk kans zagen om binnen te komen. Het is een wonderlijke combi, mensen en dieren. Het kan dat de ene soort de kracht en het overwicht van de andere respecteert, maar in het dierenrijk is het toch eten of gegeten worden. En natuurlijk: laten we erkennen dat de mens het grootste roofdier is van alle soorten. Mensen laten dieren zich voortplanten met als enkel doel ze allemaal op te eten. Dat kom je verder nergens tegen!

Theologisch gezien zou de zondeval deze staat van mensdom en dierenrijk hebben teweeggebracht. De mens die at van die ene verboden vrucht, waardoor het louter schoonheid, liefde en goeds plotseling hun tegenhangers wekten in smerigheid, haat en alle kwade krachten. Ik geloof helemaal niet meer in dat symbolische verhaal van die ene appel. Eerder vermoed ik dat dat enige verbod tot doel had dat mensen voluit mens zouden worden, met inzicht in goed en kwaad, met keuzevrijheid van beslissing tot beslissing, met groeimogelijkheden wat betreft kiezen voor het goede en leven in liefde. Die appel staat, denk ik, symbool voor de ontdekking van de seksualiteit, de oerdrift waaruit misschien wel alle goed en kwaad voortkomt. Door de keuze tegen het goddelijke verbod in werd de schepping voltooid: de mens was mens geworden en was niet langer een robot die alleen maar naar goddelijke pijpen danste. Want ook: vanuit het spanningsveld tussen goed en kwaad komt alles voort in een doorgaande ontwikkeling en groei. Of die de goede richting op gaat, is een andere vraag.

Theologie is de wetenschap van het onzienlijke, van datgene wat we niet kunnen weten, maar slechts vermoeden. In wezen is dat niet wat wetenschap bedoelt te zijn. We kennen de elementen van de natuur, maar de bron van hun zijn en zich manifesteren kennen we niet. We hebben ons wel beelden geschapen van een opperwezen of een hogere intelligentie, maar geen levende ziel kan zeggen wie of wat dat is. Zeker, christenen hebben, net als aanhangers van andere religies, hun eigen en dikwijls scherp gesneden beelden. Ik ga ervan uit dat ze ontstaan zijn vanuit menselijk onvermogen om met vraagtekens te leven en dat ze zich van daaruit door eeuwen heen stap voor stap ontwikkeld hebben tot wat ze geworden zijn. Ik denk dat de werelijkheid geheel anders zal kunnen blijken te zijn dan wie dan ook heeft kunnen bedenken.


- - -

Pagina geschreven in Tsitsikamma NP, oktober 2022.