- -

23-9-2006

Een verhaal

Pagina 2 van de Volkskrant, een artikel van verslaggever Marcel van Lieshout: Als gevraagd wordt naar privéopvattingen, twijfelt één op de zes predikanten aan het bestaan van God. Het is de uitkomst van een onderzoek, ter gelegenheid van het zestigjarig bestaan van het Ikon, van godsdienstsocioloog Hijme Stoffels van de Vrije Universiteit van Amsterdam, waaraan 860 voorgangers meededen. Opvallend in het onderzoek is dat predikanten tot 35 jaar veel zekerder zijn dat God bestaat dan hun oudere collega's.

Het rapport heeft de titel 'God is een verhaal', die mijns inziens de spijker op de kop slaat. God is een mensenverhaal. We hebben God zelf verzonnen. We verzonnen hem of haar of het omdat we houvast nodig hadden en hebben. Als God nog niet was ontdekt, zou dat vandaag alsnog gebeuren. Maar bestaat God daarom? Bestaat hij omdat wij of althans velen van ons hem nodig hebben en van daaruit het goddelijke sprookje hebben uitgedacht, doorverteld en geschreven? Natuurlijk bestaat hij! Mensen creëren nu eenmaal in meer dan in het goddelijke hun eigen werkelijkheid en ook die bestaat. Het lijkt alsof er iets van de werkelijkheid in de mens is ingeschapen en dat er wat omissies aan het geheel zijn toegevoegd als katalysator om van die werkelijkheid een beeld te vormen en haar daarmee dichterbij te brengen. Godsbeelden verschillen zoals mensen verschillen en zolang mensen verschillen zullen ook godsbeelden verschillen. Wat een uitdaging om voor dat alles ruimte te scheppen, opdat het er mag zijn en zich mag ontwikkelen. Wat een rijkdom ligt er verborgen in deze verscheidenheid!

21a-9-2006

Dialoog met moslims?

In de Volkskrant schrijft correspondent Sander van Walsum naar aanleiding van de uitspraken van Paus Benedictus XVI over geweld en de islam. De Duitse kardinaal Karl Lehmann, zo lees ik, vindt een interreligieuze dialoog slechts zinvol als vertegenwoordigers van de islamitische gemeenschap zich onbevangen en zelfkritisch uitspreken over de geweldsproblematiek van het eigen geloof. Als de islamitische gesprekspartners hun geloofstradities op voorhand onaantastbaar achten, ontwikkelt een dialoog zich volgens hem tot een 'hol en vruchteloos ritueel'.

Het probleem ligt in mijn visie in de zogenaamde heilige boeken. Net als in het christendom met de bijbel nog voorkomt, zijn de voorschriften van de koran voor moslims als direct van God zelf gegeven. Met dit als uitgangspunt is dialoog inderdaad niet mogelijk. We hebben nu eenmaal geen geschriften die rechtstreeks van God zelf, wie of wat dan ook, kwamen. Alles wat geschreven is, is door mensenhand geschreven. Omdat de mens beelddrager van het goddelijke is, zoals de hele schepping dat is, is toch in alles wat geschreven is het goddelijke aanwezig. Maar goddelijk gebod kan nooit voortkomen uit geschreven tekst, het kan slechts ervaren worden in het menselijke hart.

19-9-2006

Bidden, gebedsmails

In christelijke kring is het niet zo gek als het lijkt, denk ik. Ik ken het vanuit mijn familie wel: het de ander vragen om voor je te bidden, voor je persoonlijke invulling van je levensweg of voor het vrijkomen van gelden om bepaalde doelen in je werk te kunnen verwezenlijken. Mensen die werken voor religieuze organisaties hebben dikwijls een zogenaamde steungroep om zich heen verzameld, een groep donateurs die zorgt voor de financiën en voor gebed. Je krijgt dan als lid geregeld brieven met uitleg over het werk dat gedaan wordt en met zogenaamde dank- en gebedspunten. Gisteren nog zou ik op een nieuwe mailinglijst voor gebedsmails zijn geplaatst als ik niet de moeite had genomen om de afzender te verwittigen van deze liever niet te willen ontvangen.

Bidden wordt kennelijk heel verschillend ervaren. Ik ervaar het als iets intiems, het meest intieme van het hele leven. Bij mij hoort het thuis in het verborgene, in het 'in de geest' uitgaan tot mijn naasten, anderen, mezelf en daarmee tot wat ik 'het goddelijke' noem. Ik ervaar verzoeken om gebeden voor gewone dingen van het leven, keuzes, oplossingen, als een soort geestelijk exhibitionisme en ik weet dat anderen mijn omgaan met de goddelijke wereld en mijn praten en schrijven daarover net zo kunnen ervaren. Werkers 'op Gods akker', zoals ze zich noemen, maken hun werk met hun verzoeken om voor hen te bidden zo bijzonder, zo opgetild. Alsof hun werk van een andere orde is dan het werk dat u en ik doen. Voor mij is het goddelijke, Gods akker dus, overal en zit het net zoveel in een gewone aardse baan - ik zou haast zeggen: in welke dan ook - als in het werk voor zending en ontwikkelingshulp. Ik ben dan ook blij dat ik van 'gewone' mensen dit soort brieven en mails niet ontvang en ik kan me niets voorstellen bij aan derden gevraagd gebed voor mezelf. Als iemand voor me wil bidden, is dat mooi en goed, maar ik hoef dat niet te horen. In het gewone contact met die mensen voel ik het wel en dat is genoeg.

Bidden is wel belangrijk, vind ik. Ik heb er wel wat ervaring mee ook. Door de jaren heen schreef ik mijn beleving van het bidden ook wel eens op. Een paar citaten laat ik volgen, omdat ze mijn standpunt misschien verduidelijken.

Ik geloof ook niet in het traditionele gebed als dat zich richt op het welzijn van een naaste of op de noden van onze wereld. Dat zijn allemaal zaken die God ons zelf in handen gegeven heeft en die we zelf kunnen en zullen moeten klaren.

Bidden is geen afdwingen. Het mag geen poging zijn om te ontvangen. Bidden is slechts het uitstijgen boven je wereldse beslommeringen en jezelf open en eerlijk geven: aan jezelf, aan de grotere God en aan je medemens, die je door God gegeven is. Daar zijn vaak maar weinig woorden voor nodig en soms zijn er helemaal geen woorden nodig. Toch is dit bidden het geheim waarin je jezelf weggeeft om jezelf terug te vinden.

Er wordt gebeden om zaken die ver buiten het bereik van de menselijke mogelijkheden liggen, maar ook om dingen die de mens allang gegeven zijn. Dat laatste verbaast me altijd weer en doet pijn. Bidden voor hen die omkomen van honger en armoede is bidden om wat ons door God gegeven is. Als mensen hebben we de mogelijkheden verworven (gekregen) om de honger de wereld uit te helpen. We kiezen echter anders; onze prioriteiten zijn meer gericht op onszelf. Vervolgens God te bidden voor de hongerenden is voor mij niet anders dan een vergeefse poging God en onszelf om de tuin te leiden.

Bij bidden gebeurt er - alleen al door het jezelf eerlijk uitspreken - iets in jezelf en er gebeurt iets tussen jou en de grotere God. Bidden helpt je eigen positie te bepalen en eigen keuzes te maken. Het brengt soms licht (inzicht, richting) waar het donker is. Het is goed en zuiverend om geregeld woorden te geven aan wat in je innerlijk leeft. Als dat gebeurt ten overstaan van de schepper, dan heet het bidden. Biddend kun je jezelf dan kwijt. Er is nog een andere manier van bidden. Ook het jezelf open en eerlijk uitspreken naar een echt luisterend medemens wil ik bidden noemen. Het komt er in elk geval dichtbij. Het werkt even zuiverend en bevrijdend als wat gewoonlijk bidden genoemd wordt. Het inspireert en helpt je je weg te vinden.

18-9-2006

Paus en geweld

Paus Benedictus XVI haalde deze week in Regensburg - in een rede waarin hij stelde dat de jihad tegen de rede en tegen God ingaat, dat rede en geweld elkaar uitsluiten en dat religies geweld moeten afzweren en de dialoog moeten aangaan - een oud citaat aan waarin de islam als gewelddadig wordt gekarakteriseerd. Toen ik het voor het eerst hoorde, moest ik denken aan de geschiedenis van het christendom, dat in voorbije eeuwen het citaat ook ruimschoots recht heeft gedaan. Over het geheel genomen zijn christenen misschien wat ongevoeliger voor kwetsing geworden en wellicht ook realistischer in verband met die eigen geschiedenis?

Het citaat leek zichzelf te bewijzen. De pers deed haar werk en sprenkelde meteen olie op het vuur met de suggestie van een gevaarlijke uitspraak. Excuses werden geëist, veiligheidsmaatregelen verscherpt. Het geplande bezoek van de paus aan Turkije werd al snel ter discussie gesteld. Er zou sprake zijn van een aanslagdreiging in Istanbul. In Nablus, Tubas en Gaza-Stad werden kerken bestookt met mitrailleurvuur en brandbommen en in Tulkarem werd brand gesticht in de Grieks-orthodoxe kerk. In Somalië werd het doodschieten van een Italiaanse non, werkzaam in het ziekenhuis, in verband gebracht met de toespraak van de paus.

Mag je in onze wereld sommige dingen niet zeggen? Moet angst om te kunnen kwetsen je richtsnoer zijn omdat zo'n kwetsing onvermijdelijk uitloopt op geweld, ook al is je onderwerp dat geweld moet worden ingeruild voor dialoog? Terloops ving ik op dat de paus uit Turkse hoek is gevraagd om zijn bezoek niet te annuleren, maar aan te grijpen om daadwerkelijk die dialoog aan te gaan. Zo'n reactie schept hoop. In ons, mensen, is nu eenmaal een hang naar het onbekende - het goddelijke - ingeschapen en dat die verschillend wordt ingevuld is onvermijdelijk en bovendien verrijkend. Laten we over onze angsten het (ook) niet bij het goede eind te hebben proberen heen te kijken. Luisteren zal meer opleveren dan veroordelen, met onderlinge uitwisseling kom je verder dan met welk geweld dan ook. Maar vooral, laten we elk-ander respecteren als degeen die het andere deel van het geheim in zich draagt, het deel dat we zelf nog niet bevatten kunnen.

16-9-2006

Man, vrouw en kinderopvang

De Nederlandse politiek heeft de voorbije jaren de overheidsuitgaven ten behoeve van het gezin omlaag gebracht, omdat men meent dat echtparen de taken samen delen en de overheid dus niet nodig hebben. Kinderen worden gezien als een privéhobby van de vrouw, anders dan bijvoorbeeld in Duitsland, waar men kinderen meer als maatschappelijke investering ziet. Ik las het deze week in de Volkskrant in het interview door Margreet Vermeulen met Egbert te Velde, ex-hoogleraar voortplantingstechnologie en Christien Brinkgreve, sociologe.

In Nederland zijn er volgens Te Velde nauwelijks mannen en vrouwen die samen het geld verdienen en de zorg voor kinderen en huishoudelijke taken eerlijk verdelen. Het emancipatiebeleid zou de verschillen tussen mannen en vrouwen domweg negeren. Voor de meeste vrouwen staat het moederschap nu eenmaal nummer een. De gratis kinderopvang die momenteel politiek hoog scoort, is gebaseerd op economische belangen, maar er is niet nagedacht over het belang van de vrouw, om over het belang van de kinderen maar te zwijgen. We zijn in Nederland geen Denemarken, waar kinderen wel massaal naar de gratis crèches gaan en waar kinderleidsters minstens een hbo-opleiding hebben. Nederlandse vrouwen vinden dat ze hun kind tekort doen als ze het naar de crèche sturen, Deense vrouwen vinden dat ze het tekort doen als ze dat niet doen.

Mannen en vrouwen hebben andere prioriteiten en de geïnterviewde wetenschappers ergeren zich aan beleidsmakers die dat negeren. Volgens hen maken we het vrouwen veel te moeilijk om kinderen te krijgen.

Te weinig kinderen dus en kennelijk draagt de politiek daar een steentje aan bij. Maar wie de jeugd verliest ... verspeelt die niet de toekomst? Uit wat ik van ouders en kinderen heb gezien, heb ik altijd het gevoel gehad dat een te carrièregerichte stijl van leven bij beide ouders altijd nadelig uitpakt voor de kinderen en daarmee als een boemerang terugkeert op het gezin. Daar krijg je spijt van, zou je kunnen zeggen. En kinderen in de crèche of opvang, zonder dat die keuze gebaseerd is op het belang van het kind, doet wellicht nog immer het kind tekort. Hoe dat dan in Denemarken uitpakt? Ik zou daar graag meer over weten.

13a-9-2006

Worden wie je bent

Volgens mij gaat het er in het leven om met jezelf in het reine te komen en te worden wie je ten diepste bent, compleet met alle plussen en minnen. Dat is lang niet voor iedereen gemakkelijk. Sommigen groeien op in een kritisch, afkeurend en blokkerend gezin of systeem, waarin ze van ouders of opvoeders de onmiskenbare boodschap meekrijgen niet te deugen zoals ze zijn en pas dan te zullen deugen als ze volledig aan de verwachtingen van de ander voldoen. Waar ouders of opvoeders dat vandaan halen? Soms is het een nare karaktertrek bij mensen, die zo angstig functioneren dat ze al het andere, al het onbekende buiten willen sluiten. Soms is het religieuze gedrevenheid, de vermeende plicht anderen te bekeren, die wordt uitgewerkt als een opdracht anderen aan zichzelf gelijk te maken. In beide gevallen is er niet veel aan te veranderen zolang de betrokkene niet zelf aan een verandering toe is. Slechts een enkele keer kan een directe confrontatie zo'n gedrevene tot een inzicht brengen dat uiteindelijk in bijstelling van de verwachtingen resulteert. En dan nog de relaties, de huwelijken. Ook daarin doet zich veelvuldig het fenomeen voor dat één van de partners de ander als een pottenbakker wil kneden naar het beeld dat hij of zij van de betrokkene verlangt, waarbij duidelijk is dat zo'n opstelling kan leiden tot onderwerping van die ander, maar ook tot levenslange strijd.

Toch is het dé opdracht waarvoor we allen persoonlijk staan: jezelf te worden, steeds meer en hoe en als wie je dan ook uit de bus komt. Ieder mens leeft met plussen en minnen en het is goed die er te laten zijn, ze te accepteren, waarbij natuurlijk wel gewerkt kan worden aan karaktertrekken die je zelf bij wilt sturen. Maar als je ouders nu echt vinden dat je op de verkeerde weg bent? Dan nemen ze je in elk geval niet erg serieus, zoals ze misschien wel ook zichzelf ten diepste niet al te serieus nemen. Wat als er je is bijgebracht je ouders te moeten eren? Dat is een redelijk gebod, lijkt me, alleen mag je vooraf het respect van die ouders verwachten. Dat had er eigenlijk bij moeten staan! Het gaat niet aan ouders die geen respect voor eigen kinderen weten op te brengen te moeten eren. En dan: al die ouders die dat respect niet opbrengen? In mijn ervaring als hulpverlener zijn het vaak de orthodox christelijken die de pottenbakker denken te moeten spelen, zelfs van volwassen of middelbare kinderen. Vaak ook zijn het mensen die leven met een relatief hoog angstniveau, gespannen dus en met een aandrang om alles om zich heen onder controle te krijgen en te houden.

Geen mens is gelijk aan een ander mens. God, wie of wat dan ook, schiep de mensen als unieke personen: dit mens met dit lichaam en dit karakter is er nooit eerder geweest en zal na de dood ook nooit terugkeren. Alleen al daarom moet het de bedoeling zijn goed voor jezelf te zijn, jezelf te ontwikkelen zoveel als je kunt en uiteindelijk, misschien op je laatste dag, helemaal geworden te zijn zoals je bedoeld was, zoals je wellicht voor de aanvang van je leven jezelf gepland had.

13-9-2006

11-9 (2)

In de Volkskrant van gisteren was het redactionele commentaar gewijd aan de 11 september-ongelovigen. Het was vreemd, zo lees ik, dat de VS zich zo liet verrassen, terwijl de inlichtingendiensten veelvuldig hadden gewaarschuwd voor aanslagen en kapingen. Complottheoretici creëren met ongerijmdheden en onbeantwoorde vragen een wereld waarin alles wordt verklaard, maar in de werkelijkheid bestaat zo'n wereld niet. De Amerikaanse regering heeft, volgens het commentaar, de wereld overigens wel reden tot wantrouwen gegeven. De oorlog in Irak werd gerechtvaardigd met het verhaal van massavernietigingswapens die nooit zijn gevonden. En ook de vermeende banden van Saddam Hussein met Al Qa'ida zijn nooit aangetoond.

Omdat ik gisteren met de trein op pad was, las ik ook de 'Metro'. Daarin worden wantrouwen en vragen breed uitgemeten. De Twin Towers zouden niet door brand, maar door explosieven zijn neergehaald. Het tempo van hun instorting wordt alleen gezien bij het imploderen van slooppanden die met explosieven worden neergehaald. En ... het beveiligingsbedrijf van het WTC werd geleid door Marvin Bush, broer van de president! En dan Building 7, 47 verdiepingen hoog en niet geraakt door een vliegtuig of iets anders: het zakte rechtstandig in zes seconden de grond in, alsof zich een luik had geopend. 'Oorzaak onbekend', werd er geconcludeerd. Een Boeing van 13 meter hoog en 47 meter lang, gewicht 100 ton, die door een gat van 5 meter in het Pentagon verdwijnt, zonder ook maar één spoor achter te laten. Volgens de critici kan het slechts een geleid projectiel zijn geweest. Beelden van bewakingscamera's in de buurt, o.a. van het Sheraton Hotel en van een pompstation, werden minuten na de crash door de FBI in beslag genomen en nooit openbaar gemaakt. Dan zou er een kaper geïdentificeerd zijn doordat zijn paspoort ongedeerd uit de puinhopen van Ground Zero zou zijn opgedoken, terwijl de beide black boxen, zeer zeldzaam, nooit zijn teruggevonden. De eigenaar van het paspoort werd twee weken na de aanslag gelokaliseerd in Casablanca. Sindsdien zouden nog een aantal kapers zijn getraceerd. Ten slotte de voorkennis: Top-officials van het Pentagon annuleerden op 10 september hun vlucht voor de volgende dag. En de Financial Times concludeerde dat er in de dagen voor de aanslag een run was op put-opties Boeing, United Airlines en American Airlines, zozeer dat er met voorkennis moest zijn gehandeld. Justitie beloofde een diepgaand onderzoek, maar dat kwam er niet.

Tja, aan de 11 september-ongelovigen de eer onderzoek te doen naar de onbeantwoorde vragen. 'Het is zinloos', schrijft de Volkskrant in haar commentaar, 'de onwaarheden van de Amerikaanse regering te beantwoorden met onbewezen theorieën die op tal van punten ook nog eens aantoonbaar onjuist zijn.'

11-9-2006

11-9

Vandaag is het vijf jaar geleden. De aanslagen in de VS hadden een islamitisch wereldrijk in moeten luiden, zo lees ik in de Volkskrant in het hoofdartikel van Henk Müller.

Die dag heette bij Osama bin Laden en Al Qa'ida 'Grote Bruiloft' in verband met het huwelijk kort tevoren van Bin Laden met een 15-jarig Jeminitisch meisje. Maar ook het volgende gold: De dag waarop iemand als martelaar sterft, is zijn huwelijksdag. Dan ontmoet hij de maagden in het Paradijs.

In de niet tot stand gekomen fase 2 van het plan zouden de winden van het geloof hebben moeten aanwakkeren en zouden moslims wereldwijd de strijd moeten zijn aangevangen tegen de kruisvaarders en joden die de bloei van de islam tegenhielden en Afghanistan aanvielen. Een nieuw rijk der kaliefen (opvolgers van Mohammed) had vervolgens over de wereld moeten heersen.

De strategie werd inmiddels aangepast. Voor 2020 moeten de VS worden uitgeput. Dan volgt het rijk der kaliefen, waarna islamitische legers alle ongelovigen zullen doden.

Alle ongelovigen doden ... Het lijkt wel of bijbelse tijden terugkeren! Het is kennelijk een diepgewortelde menselijke waan dat andersgelovigen het leven niet verdienen.

6-9-2006

Satan, zoon van God

Een ouderwets woord: Satan (tegenstrever, aanklager). In Dabarbericht (3.2006) vond ik een artikel van Daniël van Egmond over het boek Job. Hij stelt daarin het beeld van Satan bij. Satan is één van de zonen van God. Hij is een engel met de taak mensen te toetsen en aan te klagen, waardoor ze gestimuleerd worden de weg van de Heilige te gaan. Satan wordt in het artikel vergeleken met Judas, die de rol had het mysterie van het kruis en de opstanding in gang te zetten.

Kwaad lokt goed uit, dat is me wel duidelijk, net zoals andersom goed kwaad uitlokt. Zonder de eigen tegenpool kan niets bestaan: geen duister zonder licht, geen haat zonder liefde, geen kwaad zonder goed. Het is het krachtenspel waarin we leven, waarin ontwikkeling, evolutie, groei mogelijk wordt. Daarin heeft de mens keuzevrijheid, bepaalt hij of zij de eigen weg, van stap tot stap. Het beeld dat Satan daarin een rol zou kunnen spelen, spreekt me wel aan. Misschien spelen wij allen van tijd tot tijd de Satanrol.

Wij allen zijn zonen en dochters van het goddelijke, wie of wat dan ook. We zetten elkaar aan tot daden, kwaad of goed. Ik ga ervan uit dat we diep in onszelf heel goed weten waar de grenslijn tussen die krachten ligt, als we maar stil kunnen worden om te luisteren naar de eigen goddelijke kern. En als we dat worden, vinden we onze wijsheid. Die zal onmisbaar zijn om het kwaad te kunnen inzetten als katalysator van het goede.

5a-9-2006

Ontkerkelijking

Ons Sociaal en Cultureel Planbureau (SCP) deed onderzoek naar de ontkerkelijking, zo lees ik in een artikel van Margreet Vermeulen in de Volkskrant. Frankrijk en Duitsland hebben ons ingehaald wat betreft de afname van het kerkbezoek. Nederland neemt nu een middenpositie in West-Europa in. Alleen in Europa overigens is er sprake van groeiende ontkerkelijking, elders in de wereld neemt de religiositeit juist toe. Inmiddels is 64 procent van de Nederlanders buitenkerkelijk en de verwachting is dat dit in 2020 72 procent zal zijn. Twee grotere geloofsrichtingen zullen er overblijven, de rooms-katholieke en de islamitische. De rest valt uiteen in een toenemend aantal kleine kerkgemeenschappen, waarbij opvalt dat het SCP kennelijk niet op de hoogte is van het bestaan van de Protestantse Kerk Nederland (PKN). (Of ben ik niet op de hoogte en is de PKN inmiddels ter ziele?)

De kerken blijken wel een functie te houden als rituele begeleiders van belangrijke overgangen in het leven. Eén op de vier kinderen wordt gedoopt en veertig procent van de begrafenissen en crematies wordt kerkelijk geleid.

Behalve kleiner, worden de Nederlandse kerken ook conservatiever, zo lees ik zonder verdere toelichting in het bericht. Het is wat ik herken in de kerk in de wijk waar ik woon en waar ik vele jaren actief in betrokken was.

De helft van de Nederlanders, kerklid of geen kerklid, gelooft in God en in een leven na de dood. Het lijkt me van belang te weten hoe de vraagstelling was om te kunnen inschatten hoe serieus zo'n percentage genomen kan worden. Duidelijk is dat het goddelijke bij veel mensen nog nabij is, alhoewel de kerk haar samenbindende functie steeds meer verliest. Gelovigen komen steeds meer op zichzelf te staan, maken zich onafhankelijk en kiezen voor de vrijheid die het goddelijke ook voorstaat. Ikzelf ben vanaf 1973 geen kerklid meer en de vrijheid die dat met zich meebrengt, is me lief geworden. Ik noem me ook geen christen meer. Die benaming ervaar ik als te belastend. Ik geloof niet meer dat we in de bijbel hét woord van God gekregen hebben, maar zie die boeken als mensenboeken, waarin overigens wel een en ander over God terug te vinden is, zoals in heel veel geschriften, ook uit onze eigen tijd, van alles over God te vinden is. De Jezusverering liet ik achter me. Ik beschouw die als een onterechte uitbesteding van onze opdracht aan een mens uit vroeger tijd, een mens weliswaar waarin volgens de verhalen wel een en ander van het goddelijke zichtbaar werd. Ik geloof dat we als mensen van nu zelf gesteld zijn voor een goddelijke opdracht waar we nog heel lang de handen vol aan kunnen hebben. Dat lijkt me voorlopig genoeg.

5-9-2006

Liefde (2)

Een reactie op mijn stukje hier direct onder geeft aan dat Liefde en Vrede niet op deze aarde zijn te vinden en dat de schrijver, Ali C., daarom in de Hemelen zoekt en van alles het dubbele vindt. 'Blijf vrolijk doorzoeken en hopen :-)', schrijft hij mij, maar ik voel het als cynisme. En hij sluit af met 'Veel Liefde'.

Wat een totaal andere gevoelsbeleving kom ik hier tegen. Het nodigde me uit in Ali's weblog rond te neuzen, waar ik als eerste een citaat (Koran 07:40) tegenkom: 'Voorzeker, voor hen die Onze tekenen verloochenen en er zich hoogmoedig van afwenden, zullen de poorten van de Hemel niet worden geopend, noch zullen zij in het paradijs komen; eer zou een kameel door het oog van een naald gaan. En zo vergelden Wij de daden der schuldigen.' Ik weet hier niet veel van en ik vraag me af of 'Wij' hier staat voor God, wie of wat dan ook, of voor mensen. De hoofdletter doet me aan God denken, maar ik vind Ali's gebruik van hoofdletters niet echt consequent. Wie vergeldt de daden der schuldigen? Is dat aan mensen? Een angstig gevoel bekruipt me als ik dat tot me door laat dringen. Wie is er niet schuldig? Schuld heeft niet alleen te maken met de dingen die we doen, maar misschien nog meer met die die we nalaten. Het omvat al onze keuzes. Mag een mens vergelden?

Verder in het weblog vind ik meer stukken die wijzen op een hang, een verlangen naar de Hemelen. De dood brengt louter Licht, zo begrijp ik. En daar kan ik me op zich wel in vinden. De dood is in mijn beleving een overgang naar een andere wijze van zijn, waarin menselijke beperkingen wellicht zijn weggevallen. De dood brengt een wezenlijke hereniging met het goddelijke tot stand, dat wat we als mens niet echt zien, maar toch bespeuren alom. Maar om nu een foto te plaatsen van een jonge vrouw, gehurkt tussen de rails en met als onderschrift 'De Hemel is vlakbij!', dat dissoneert met mijn gevoel. Natuurlijk, verder lezend begrijp ik dat Ali conducteur was en zelfdodingen op het spoor van nabij heeft gezien en dat hij zijn geloofsbeelden koppelde aan wat hij zag, maar ik ben niet zover dat ik kan geloven dat we als gezond mens zomaar zelf onze eigen grens zouden mogen bepalen en bijvoorbeeld in een impuls het ontvangen leven aan het goddelijke zouden mogen teruggeven. Mijn gevoel, de kern van mijn bestaan, leert me anders.

Wat staan we ver uit elkaar, Ali en ik. Zoals ik in zijn weblog snuffel en daarbij vervreemdende gevoelens krijg, zo leest hij wellicht bij mij met dezelfde soort gevoelens. We hebben nog een lange weg te gaan voor we elkaar begrijpen kunnen en ik zie het als een opdracht om die ook te gaan. We zullen moeten luisteren, praten, elkaars gevoelens verkennen. Misschien dat er dan een tijd komt waarin meer respect en begrip kan groeien, over en weer.

4-9-2006

Liefde

François de Waal sprak in 'De Wandeling' met Hella ook over liefde. 'Liefde is geen gevoel', zo stelde hij. Hij heeft een eigen definitie, waarin het gaat om tijd en aandacht, niet bedoeld om de ander naar beneden te halen, zoals volgens De Waal in veel interviews gebeurt, maar om het meest positieve, het meest openhartige naar boven te halen. Liefde is volgens hem iets wat je moet willen en daarna moet gaan doen. Eerlijkheid heeft eveneens met liefde te maken, ook als die eerlijkheid de ander raakt en op korte termijn misschien pijnlijk is. Op langere termijn kan eerlijkheid het geluk bevorderen. Op de site van Hella geeft De Waal een paar tips:
1. Als je van iemand houdt, zeg of doe dan dingen waardoor die ander een gelukkiger, gezonder en volwassener mens wordt.
2. Stop met dingen te zeggen of te doen waardoor die ander minder gelukkig, gezond of volwassen wordt.
3. Doe de dingen zonder er iets voor terug te willen, dus ook zonder dat die ander van jou houdt.

Ik zou er nog één ding aan toe willen voegen. Liefde geven maakt dat je zelf ook gemakkelijker liefde ontvangt. Het maakt je zeker ook gelukkiger.

3-9-2006

Bekering

Aan dat ouderwetse woord moest ik denken toen ik vanmorgen de herhaling van 'De wandeling' met François de Waal van Hella van der Wijst zag op KRO-tv. François vertelt openhartig over wie hij was en hoe hij veranderd is. Probeerde hij in zijn columns eerder de ander zoveel als mogelijk omlaag te halen, nu beseft hij dat hij door zo te doen vooral zichzelf omlaag haalde en tekortdeed. Hij ontdekte dat hij niet geleerd had aandacht aan zichzelf te geven, wellicht omdat hij van huis uit het gevoel had meegekregen er in feite niet toe te doen. En als je er zelf in je gevoel niet toe doet, hoeft een ander er al heel gemakkelijk ook niet toe te doen. Totdat hij dus ontdekte vooral zichzelf in de weg te zitten en ongelukkig te maken. Zijn bekering zit 'm in het proces waarin hij leert zien en ervaren dat hij pas, als hij zichzelf gelukkig kan maken, ook een ander en de wereld gelukkiger kan maken. Hij schreef een boek, 'Vijftig manieren waarop ik mijn leven verpestte en hoe jij dat kunt voorkomen'. Achteraf betreurt hij het dat hij pas na zijn veertigste bekeerd is.

Bekering heb ik van huis uit geleerd te zien als het ophouden met van God weg te leven en kiezen om naar God toe te leven. De vraagt blijft dan nog wie of wat God eigenlijk is. Net als François leerde ik God te zien als iets buiten mezelf en moest ik op mijn persoonlijke levenspad nog leren dat in mijn leven God meer iets is ín mezelf en in de anderen, dat het de energie of de kracht is waaruit ik leven kan zoals ik leef, waarin ik evenwicht en rust vind, waarin ik mezelf kan zijn met al m'n minnen en plussen. Wat komt God dan dichtbij!

- -